We hebben ons niet gek laten maken door de aanhoudende regen van de afgelopen weken. En de plantjes trouwens ook niet. Omdat onze grond heel veel organisch materiaal bevat, hebben onze gewassen geen last van zuurstofgebrek als er te veel regen valt. In deze blog vertellen we je alles over Oost-Indische kers en geven we wederom een korte update over onze groenten in de moestuin.

Nat, natter, natst

De maand mei was de natste maand sinds 1983; het heeft werkelijk iedere dag geregend! Het goede nieuws is dat het neerslagtekort daarmee wél is opgelost. In de afgelopen week hebben we – terwijl het buiten pijpenstelen goot – tomaat, meloen en de cosmea in de kas voorgezaaid. Lekker knus! Ook hebben we de courgettes, pompoentjes, spruitjes en Oost-Indische kers van de kas naar de moestuin verhuisd.

De afgelopen week hebben we heel veel gerechten en smoothies kunnen maken met spinazie uit de moestuin. Vers uit de grond is toch het allerlekkerst en de groenten bevatten ook de meeste vitamines vlak na het oogsten. Heerlijk!

Oost-Indische kers; wat is het?

Om ruimte te maken voor nieuwe groenten, moesten we wel wat plantjes verhuizen van de kas naar de moestuin, waaronder de Oost-Indische kers. Oorspronkelijk komt de Oost-Indische kers uit Zuid-Amerika en helemaal niet uit Oost-Indië, zoals de naam ons doet vermoeden. De Spanjaarden namen de kruidachtige plant in de 17e eeuw mee uit Peru. De smaak en de geur van het plantje lijkt op sterrenkers en waterkers, dus zij noemden de plant kers.

Maar de Latijnse naam van de Oost-Indische kers is Tropaeolum majus. Tropaeolum komt van het Griekse woord trofee. Het prachtige ronde blad van de Oost-Indische kers lijkt een beetje op een wapenschild en de bloemetjes zien eruit als een helmpje. En majus? Majus betekent gewoon groot; grote trofee dus.

Gezond voor jou en voor de moestuin

De Oost-Indische kers staat in Peru al 8000 jaar bekend als wondermiddel; het is een natuurlijk antibioticum. De zaden, bladeren en de bloem helpen effectief tegen infecties en ontstekingen. Door de grote hoeveelheid vitamine C helpt de plant om je immuunsysteem te versterken en daarmee infecties aan te pakken.

Maar de Oost-Indische kers is niet alleen goed voor jezelf; het is ook goed voor je moestuin! De kers trekt bladluis en rupsen aan. Wanneer je een aantal planten in je moestuin zet, houden ze de luizen en rupsen dus weg van je andere planten en groenten.

Moestuinweetje(s)

De Oost-Indische Kers staat niet graag droog. Als de plantjes het naar hun zin hebben, bloeien ze enthousiast van juni tot dat het gaat vriezen. Ook in een vaas staan de bloemen erg leuk. Bijvoorbeeld met lange ranken of juist in kleine boeketjes.

Recept uit eigen moestuin: salade met Oost-Indische kers, geitenkaas en spekjes

Zo raar is het eten van bloemen eigenlijk helemaal niet. De felgekleurde bloemen van de Oost-Indische kers zijn een lust voor het oog en geven je salade een peperachtige smaak. Heerlijk in een salade met geitenkaas en spekjes.

Wat zijn de benodigdheden?  

  • 10 Oost-Indische kers-bloemen
  • 10 Oost-Indische kers-blaadjes
  • 250 g gemengde sla
  • 1 puntpaprika, in ringen
  • 50 g zachte geitenkaas
  • 150 g spekjes
  • 1 el kappertjes
  • 1 el sinaasappelsap
  • 1 tl citroensap
  • 2 el extra vierge olijfolie
  • Zout en versgemalen peper

Hoe maak je het?

  1. Trek een aantal bloemen en blaadjes los; scheur de blaadjes in stukken.
  2. Verdeel de sla, blaadjes, bloemen, paprika en geitenkaas in een schaal.
  3. Bak de spekjes knapperig en bruin en doe ze in de salade.
  4. Strooi ook wat kappertjes over de salade.
  5. Maak een dressing van sinaasappelsap, citroensap, olijfolie, peper en zout en schenk over de sla.

Het mooie weer komt eraan en onze handen beginnen te jeuken om weer lekker in onze moestuin te wroeten. Wil je ons een handje helpen? Tijdens je verblijf op ’t Lennepserf kun je je heel de dag vermaken in onze tuin!